Zoals reeds gezegd gaan we zo snel mogelijk “echt Linux leren”. Het hulpmiddel bij uitstek om tot de kern van het systeem door te dringen is de terminal. In plaats van grafisch met het systeem te werken, gaan we ons toeleggen op de tekstinterface die we via de terminal kunnen aanspreken. Met een terminal werken heeft verscheidene voordelen:
In de terminal draait een programma, de shell, die de snelste manier is om met Linux te werken, eens je het wat gewoon bent.
Via de terminal kan je ook op andere computers op het netwerk. Dat kan natuurlijk ook met andere programma's, maar die bieden telkens maar een deel van de functionaliteit. Met een terminal kan je op een andere computer dezelfde zaken als op je eigen computer.
Een terminal laat ons toe verder te zien dan de grafische verpakking van een systeem. Door de terminal kunnen we eender welke Linux leren, terwijl je met een grafische omgeving aan een bepaalde distributie gebonden bent. Wat we in de terminal leren is eigenlijk gewoon UNIX (herinner je uit hoofdstuk 1 dat Linux een gratis UNIX kloon is). Als extraatje zal je na deze cursus dus ook met UNIX systemen zoals Solaris, HP/UX, AIX en IRIX kunnen werken, als je daar ook maar de terminal weet te vinden.

Een terminal venster open je door in het menu → te kiezen:
De standaardkleur van de terminal is wit met een bruine rand. Als je dat niet leuk vindt, kan je de kleuren en het uitzicht aanpassen. Dat is trouwens een vuistregel in Linux: alles wat je niet aanstaat, kan je veranderen.
Als je naast het terminal venster op het bureaublad klikt, wordt het venster grijs. Dit betekent dat het niet meer aktief is. Je kan meerdere terminal vensters openen; gevorderde gebruikers kunnen zelfs via de tabblad funktie verschillende terminals in eenzelfde venster openen.
![]() | Tekst in de terminal |
|---|---|
Vanaf nu gaan we tekst, die in een terminal venster verschijnt, aanduiden met een gekleurde achtergrond in plaats van telkens schermafdrukken te tonen. We gebruiken deze methode om je aan te moedigen zelf de voorbeelden uit te proberen en zo stap voor stap ervaring op te bouwen. Op het einde van de cursus zou je zo een terminal-virtuoos moeten zijn! |
Er zijn een aantal manieren om een terminal venster af te sluiten. Let er wel op dat het venster aktief is.
Selecteer → in het menu van het terminal venster.
OF
Druk met de linkermuistoets op het kruisje in de rechterbovenhoek van het venster.
OF
Gebruik de toetsencombinatie Ctrl+D.
OF
Typ het commando exit in het terminal venster, gevolgd door Enter.
OF
Gebruik de toetsencombinatie Shift+Ctrl+Q.
![]() | Vensters openen |
|---|---|
Open verschillende terminal vensters en eventueel ook andere toepassingen, bijvoorbeeld een van de spelletjes die je kan vinden in het → menu. Bemerk het verschil tussen een aktief venster en een passief venster. Neem ook eens een ander virtueel bureaublad en open daar een toepassing. |
![]() | Gedrag van vensters |
|---|---|
Het standaard venstergedrag is om te klikken met de muis op het venster dat je aktief wilt maken. Dit kan je echter als volgt veranderen: ![]()
|
![]() | Linkshandig? |
|---|---|
![]() Ben je linkshandig? Ga dan naar → en kies . In dit venster kan je de akties die verbonden zijn met de linker- en rechtermuisknoppen omwisselen. Druk wanneer je klaar bent. |
![]() | Traag |
|---|---|
Afhankelijk van de performantie van je computer en de snelheid van je CD-ROM speler, kan het openen van verschillende toepassingen het systeem aanzienlijk vertragen. Mocht je vast komen te zitten, herstart dan gewoon de computer. Denk eraan om de CD uit te nemen voor MS Windows start indien je niet meer wilt verdergaan met de Live CD. |
Om de sessie te verlaten selecteer je uit het menu → . Er komen dan vier keuzemogelijkheden:
“Log out”: afmelden. We zullen later zien wat de bedoeling van deze optie is.
“Lock Screen”: schermbeveiliging starten.
“Switch User”: aanmelden als een andere gebruiker. We komen hier later op terug.
“Restart the computer”: de computer herstarten.
“Shut down”: afmelden en de computer uitzetten.

Kies “Shut down” indien je niets meer wilt doen, kies “Restart the computer” en neem de CD uit de lader indien je verder wilt werken op je eigen systeem.
![]() | Toegankelijkheid |
|---|---|
Gebruikers die geen muis kunnen bedienen, kunnen via het toetsenbord werken: gebruik de letters die bij elke optie onderlijnd zijn om die bepaalde optie te kiezen. |