Hoofdstuk 4. Ubuntu Installatie

Inhoudsopgave

Voor je aan een installatie begint
Welke distributie kies ik?
Het werkblad
Andere overwegingen
Onze installatie
Het installatieproces
Het starten van de installatie
Taalkeuze
Landkeuze
Toetsenbord instellen
CD-ROM speler(s) en data scan
Netwerkdetectie
Computernaam
Schijfindeling
Data kopiëren
Tijdzone
Gebruikers
Einde eerste fase
Opstarten met Linux
Tweede fase van de installatie
Aanmelden
Samenvatting

Samenvatting

De volgende aandachtspunten bij de installatie van een systeem met Linux komen in dit hoofdstuk aan bod:

  • Voorbereiding: informatie over je computer verzamelen.

  • Welke gebruikers zullen er met de computer werken?

  • Hoe zal ik de harde schijf indelen?

  • Welke soort installatie neem ik?

  • Welke pakketten installeer ik?

Voor je aan een installatie begint

Welke distributie kies ik?

Hoewel Linux in het geval van Ubuntu heel eenvoudig te installeren is, zijn er algemeen toch een aantal zaken die je dient te weten voor je aan de installatie van een computer begint. Vroeg of laat zal je wel eens een ander systeem willen of moeten installeren. Een vraag die al meteen rijst is: "Welke distributie kies ik?"

Gezien alle Linuxdistributies (lees: Linuxsoorten) gebaseerd zijn op dezelfde kernel en dezelfde basispakketten, die aangepast kunnen worden om aan elke nood te voldoen, dien je vooral na te gaan of een gegeven distributie op jouw hardware zal werken. Een voorbeeld: LinuxPPC is speciaal ontworpen om op Apple MacIntosh computers (PowerPC) te werken. Deze soort Linux zal niet werken op een gewone (x86/Intel-gebaseerde) PC. Deze Linuxdistributie zal wel werken op de nieuwe Apple hardware, maar niet op oudere systemen die een andere bus-architectuur gebruiken.

Sommige distributies zijn geoptimaliseerd voor een bepaalde soort CPU, bijvoorbeeld de Athlon CPU. Ze draaien wel op standaard Intel processoren, maar ze draaien net iets beter op de bepaalde CPU waarvoor ze aangepast zijn. Sommige distributies die speciaal aangepast zijn voor specifieke hardware zijn niet zo betrouwbaar, omdat ze door minder mensen getest worden.

De meeste distributies bestaan uit een set van programma's voor generische PCs, met daarbovenop speciale geoptimaliseerde kernels voor de x86 Intel-gebaseerde processoren. Deze distributies zijn goed getest en worden regelmatig onderhouden. Ze leggen de nadruk op betrouwbaarheid, gebruiksgemak en eenvoudige updateprocedures. Voorbeelden van zo'n distributies zijn Debian, Ubuntu, Fedora, SuSE en Mandriva - geen wonder dat deze distributies dan ook de populairste van het moment zijn. Ze zijn eenvoudig te gebruiken, ook voor beginners, terwijl ze gevorderden niet beletten om mits geavanceerdere configuraties het uiterste uit hun systeem te halen.

Linux werkt ook uitstekend op draagbare computers en mid-range servers. Drivers voor nieuwe hardware worden enkel mee in de distributie gestoken na uitgebreide tests, zodat de distributie in haar geheel robuust blijft. Daardoor kan het zijn dat niet alle hardware onmiddellijk ondersteund is. De Live CD kan helpen om te bepalen of al je randapparaten herkend worden door Ubuntu.

Het werkblad

Wanneer we het hebben over de desktopomgeving, zullen er onvermijdelijk altijd twee grote stromingen opduiken. De ene gebruiker zal zweren bij Gnome, terwijl de andere KDE ten hemel prijst. Wat kies je dan?

Sommige distributies starten standaard op met Gnome, andere met KDE. De meeste distributies leveren echter beide omgevingen. Waarom? Heel eenvoudig: welke omgeving je kiest, hangt af van je eigen persoonlijke voorkeur. Je zit bovendien nooit vast aan je keuze: wil je vandaag met het ene systeem werken en morgen met het andere, dan volstaat het de selectie te maken op het moment dat je met je computer begint te werken.

Andere overwegingen

De meeste distributies bieden je tijdens de installatieprocedure de mogelijkheid om te kiezen tussen verschillende basisopstellingen, zoals een werkpost, een server of een ontwikkelingsmachine. Het verschil bestaat uit de gekozen set extra pakketten: weer zullen de basispakketten die nodig zijn op elk systeem geïnstalleerd worden, met daarbovenop een set van gebruikersapplicaties voor een werkpost, servertoepassingen voor een server of programmeertools voor een ontwikkelingsmachine. Experts kunnen elke combinatie van pakketten kiezen.

Wat ook de keuze is, je zit nooit vast. Heb je later toch een bepaald pakket nodig dat je niet tijdens de installatie bent tegengekomen, dan kan dat eenvoudig bijgevoegd worden. Op ons systeem, Ubuntu, kunnen zelfs pakketten, die benodigd zijn opdat het nieuwe pakket zou werken, automatisch mee geïnstalleerd worden, zodat je als gebruiker geen moeite hebt om het nieuwe pakket aan de praat te krijgen.

Onze installatie

Systeemvereisten

Om een Ubuntu werkpost te installeren, heb je de volgende minimale configuratie nodig:

  • 128 MB RAM

  • 1,8 GB vrije schijfruimte

  • CD-ROM speler

Standaard

In deze cursus zullen we beginnen bij het begin: we gaan een standaard werkstation installeren. Zorg ervoor dat, net zoals bij het opstarten van de Live CD, je computer is ingesteld om te kunnen starten van de CD-ROM.

[Waarschuwing]Alle data worden overschreven

Bij een standaardinstallatie zullen alle bestaande programma's en data overschreven worden!

[Tip]Dual-boot

Het is vrij eenvoudig om met Ubuntu een zogenaamde dual-boot computer te maken: als er al een besturingssysteem op je computer staat, een versie van MS Windows bijvoorbeeld, dan kan die naast de Ubuntu-installatie bestaan. In plaats van de hele harde schijf te gebruiken om Ubuntu te installeren, zorg je dan dat je een vrije partitie hebt (een afgezonderd deel van de schijf of een tweede harde schijf) waarop voldoende plaats is voor Ubuntu. We bespreken deze opstelling echter niet in deze cursus, omdat er heel veel configuratiemogelijkheden zijn. We zullen tijdens de installatieprocedure wel zeggen wanneer je kan kiezen voor dit soort van installatie. Voor de afwijkende opstelling volstaat het om de installatieinstructies van de CD-ROM nauwgezet te volgen.

Als je met een dual-boot systeem wilt beginnen, is het best om altijd eerst MS Windows te installeren en daarna pas Linux. Werk je in de omgekeerde volgorde, dan loop je het risico dat de MS Windows installatie je Linux installatie teniet doet. Staat er al MS Windows op je computer, dan is de kans groot dat de hele schijf in beslag genomen wordt. Je zal dan aan de slag moeten met bijvoorbeeld PartitionMagic om een stuk van de harde schijf vrij te maken voor Linux.

[Let op]Maak backups!

De auteur noch het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap zijn verantwoordelijk voor verlies van data. Belangrijke programma's en gegevens kopieer je dus best eerst naar een veilige plek.